Saturday, May 16, 2009

Interview met Minister Gerda Verburg: overheden kunnen het niet alleen!

In alle drukte, stemde minister Verburg er in toe een kort interview te hebben en vragen van de Nederlandse Vrouwenraad over CSD-17 te beantwoorden.

Minister Verburg, hoe kijkt u aan tegen de gang van zaken in CSD-17 tot nu toe?

Tot nu toe heb ik hier in New York een erg geƫngageerd en inspirerend proces kunnen zien. Vooral buiten de vergaderzalen waar de formele onderhandelingen over de teksten voor het slotdocument plaatsvinden. Ik voel me erg aangetrokken tot de activiteiten van de zogenaamde Major Groups, VN-taal waarmee groepen als vrouwen, jeugd, het zakenleven, de boeren en dergelijke worden aangeduid. In Nederland hebben we daar de mooie omschrijving maatschappelijk middenveld voor. Net zoals in de voetbalsport waar de wedstrijden meestal op het middenveld worden beslist, zijn deze groepen van onmisbaar belang om duurzame ontwikkeling in de samenleving tot leven te laten komen in bij voorbeeld concreet gedrag van mensen. Wie denkt dat overheden dat zouden moeten doen, overschat de mogelijkheden van de overheid heel erg. Wij hebben erg actieve vertegenwoordigers van de vrouwen en de jeugd in onze Nederlandse delegatie en ik ben trots op hoe zij zich hier manifesteren in New York.

Wat is uw persoonlijke bijdrage als voorzitter aan CSD-17? Wat is het belangrijkste doel dat u voor ogen heeft?

Afgezien van de formele rol die je als voorzitter van deze bijeenkomst hebt om tesamen met de co-voorzitters het onderhandelingsproces in goede banen te laten verlopen zie ik als mijn belangrijkste taak mensen te enthousiasmeren. Daarom heb ik naast het uitoefenen van het voorzitterschap in de zaal zelf in de afgelopen periode op allerlei gelegenheden gesproken om mensen te stimuleren met ideƫen te komen; platgetreden paden te verlaten en samen met anderen aan oplossingen van problemen te werken. Het doel dat ik voor ogen heb is tweeledig: het afspreken van een gezamenlijke gedeelde visie op de toekomst van duurzame landbouw en plattelandsonwikkeling en het komen met zo concreet mogelijke aanbevelingen waarmee mensen in de samenleving aan de slag kunnen.

Wat is uw visie op de rol van vrouwen in het oplossen van het waterschaarste-probleem?

Mijn visie daarop is van een grote simpelheid. Niemand hier – ook mannen niet – ontkent de cruciale rol van vrouwen in de landbouw, vooral in ontwikkelingslanden. Vrouwen dragen daar bij wijze van spreken de agrarische sector en doen dat op innovatieve wijze en vaak tegen de stroom in. Hun rechten zijn immers nog lang niet zo vanzelfsprekend als de rechten van vrouwen hier. Landbouw is verantwoordelijk voor minstens 70 procent van het watergebruik. In de landbouw zijn er door toepassing van technologie, andere teeltmethoden en door beter te luisteren naar inheemse, eeuwenoude kennis en die te integreren met moderne kennis hele grote besparingen op het watergebruik mogelijk. Wie gaat dat doen? Juist, vrouwen. We moeten er dan wel voor zorgen, dat deze vrouwen toegang krijgen tot onder meer landrechten, micro-krediet voor investeringen en kennis.

0 reacties: